Informatiebeveiliging
2e druk
Inleiding
Volgens Amerikaanse
statistieken overleven bedrijven die te lijden hebben gehad van een ernstige computercalamiteit,
dit in het algemeen niet. Van hen is 95% binnen 5 jaar na dato failliet. En dit betreft
ook sterke, gezonde bedrijven. Weliswaar geldt in Amerika tevens dat 90% van alle
bedrijven binnen 5 jaar niet meer als zelfstandig bedrijf bestaat. Toch geven de cijfers
dramatisch aan hoe ernstig de gevolgen van een computercalamiteit of een grote fraude
kunnen zijn. Het is daarom een dringende noodzaak dat u zich van deze dreiging bewust bent
en passende maatregelen treft ter bescherming van uw informatie en de
informatieverwerkende systemen. Dit boek probeert een gids te zijn in deze moeilijke en
vaak ongrijpbare materie.
Introductie
Elk modern bedrijf maakt
tegenwoordig gebruik van computers. En dan gaat het niet alleen om de grote systemen in
speciale rekencentra, maar ook om de vele PCs die her en der in het bedrijf worden
gebruikt. De informatie die vroeger overzichtelijk in ordners, hangmappen en dossierkasten
was opgeborgen, bevindt zich nu onzichtbaar op vele schijven en schijfjes. Maar al te vaak
ontbreekt een overzicht van waar zich welke informatie bevindt. Realiseert u zich wel wat
hiervan de consequenties kunnen zijn voor uw bedrijf? Weet u hoe afhankelijk u bent
geworden van al die computers met al die informatie, weggeborgen op floppys en vaste
schijven? Hebt u wel eens nagedacht over wat de gevolgen kunnen zijn als zon
schijfje plotseling onleesbaar blijkt en de informatie dus weg is? Wie kunnen er allemaal
bij uw informatie en wat kunnen ze ermee doen? Wat doet u met de lusten, maar ook de
lasten van het Internet? Hoe kunt u fraude voorkomen als dit niet meer uit papieren
documenten, maar uit een brij van computergegevens moet blijken? Het antwoord is:
informatiebeveiliging. Informatiebeveiliging tracht de beschikbaarheid, betrouwbaarheid en
vertrouwelijkheid van informatie te garanderen.
- Beschikbaarheid: kunt u informatie en
computerdiensten ook daadwerkelijk gebruiken als u deze nodig hebt.
- Betrouwbaarheid valt onder te verdelen in
drie aspecten:
- integriteit, ofwel de juistheid,
tijdigheid en volledigheid van informatie;
- authenticiteit, ofwel de echtheid
van de informatie;
- controleerbaarheid, dat een en
ander vastgesteld zal moeten kunnen worden.
- Vertrouwelijkheid beschermt informatie
tegen inzage of gebruik door derden.
Om te weten welke
beveiligingsmaatregelen nodig en zinvol zijn, heeft u eerst inzicht nodig in de mogelijke
risicos die een ongestoorde informatievoorziening bedreigen. Welke schade lijdt u
bij een verstoring van uw informatiesysteem en hoe groot is de kans daarop? Welke schade
kunnen anderen eventueel ondervinden? En welke wettelijke bepalingen spelen een rol?
Voor wie is dit boek
bedoeld?
Dit boek is geschreven voor
iedereen die verantwoordelijkheid draagt voor informatie en dus garant moet staan voor de
beschikbaarheid, betrouwbaarheid en vertrouwelijkheid ervan. Dit geldt met name wanneer de
betrokken informatie zich in computerbestanden bevindt. Het hoofd van het rekencentrum
vindt in het boek nuttige informatie over hoe de beschikbaarheid van informatie en
informatiesystemen bevorderd kan worden. Het boek is dus ook voor het hoofd
personeelszaken bedoeld die de vertrouwelijkheid van de aan hem toevertrouwde
personeelsgegevens moet garanderen. Het hoofd debiteuren- en crediteurenadministratie kan
in het boek terugvinden wat hij moet doen om de betrouwbaarheid van zijn informatie te
waarborgen. Het Midden en Klein Bedrijf (MKB) vindt in dit boek vele praktische
aanwijzingen hoe ook zij hun informatiesystemen kunnen beveiligen, met name in de
hoofdstukken 3 en 7, waar de Code voor Informatiebeveiliging wordt besproken. Voor
specialisten op het gebied van informatiebeveiliging kan dit boek een nuttige rol spelen
bij het creëren van een referentiekader, waardoor zij hun voorstellen voor beveiliging
beter kunnen overbrengen bij hun opdrachtgevers. Kortom, dit boek bevat nuttige
basisinformatie voor iedereen die met informatiebeveiliging te maken heeft of krijgt.
Speciale voorkennis wordt
niet vereist, al dient men wel op de hoogte te zijn van de belangrijkste
computerbegrippen. Termen als personal computer, netwerk, besturingssysteem, hardware en
software worden bekend verondersteld. Diepgaande kennis is niet nodig. Waar speciale
kennis voor het begrijpen van de geboden stof noodzakelijk is, wordt deze in het boek
behandeld. Nieuwe termen en begrippen worden zoveel mogelijk, daar waar ze geïntroduceerd
worden, verklaard.
De indeling van het boek
Het boek is ingedeeld in
vijf blokken en enkele appendices. Het eerste deel gaat in op de vraag wanneer beveiliging
noodzakelijk of gewenst is. Het tweede deel gaat globaal in op de te nemen
beveiligingsmaatregelen. Deel drie behandelt de technische maatregelen. Deel vier geeft
een overzicht van de niet-technische maatregelen. Deel vijf voegt het waarom en hoe samen
in een beveiligingsplan. Dit plan geeft concreet aan welke beveiligingsmaatregelen genomen
worden en de motivatie hiertoe. Regelmatig zal naar waar gebeurde cases gerefereerd
worden. Hierbij zijn de namen en omstandigheden gewijzigd om herkenning te voorkomen.
Deel 1. Waarde en
risicos
Deel 1 gaat in op de waarde
van informatie en de risicos die men kan lopen bij onvoldoende beveiliging.
Hoofdstuk 1.
Wat is uw informatie u waard?
Welke informatie is er zoal in een bedrijf
en waar bevindt deze zich. Welke waarde heeft deze informatie voor een goede
bedrijfsvoering. Wat mist u of welke schade lijdt u als de informatie in ongerede raakt.
In ongerede raken kan betekenen dat de informatie niet langer juist is of dat de
informatie tijdelijk of permanent niet meer toegankelijk is. Informatie kan ook de
handelswaar van de onderneming zijn, zoals toegang tot databases, of de levering van
software, muziek of videomateriaal via Internet.
Hoofdstuk 2.
Dreigingen en risicos
Waardoor kan informatie in ongerede raken? Behandeld worden de vier categorieën
van dreigingen: opzet, menselijk falen, technisch falen en externe oorzaken. Tevens wordt
bekeken waar deze dreigingen ingrijpen: vertrouwelijkheid, integriteit en beschikbaarheid.
Zijn de dreigingen bekend, dan kunnen de mogelijke gevolgen worden onderzocht, namelijk de
mogelijke schade. Aan iedere dreiging kan een kans worden toegevoegd, de
waarschijnlijkheid dat een dergelijke dreiging daadwerkelijk optreedt. Dit bepaalt het
risico.
Hoofdstuk 3.
De Code voor Informatiebeveiliging, praktische richtlijnen voor het vaststellen van een
informatiebeveiligingsbeleid
Er is al veel gestudeerd op de aanpak van
informatiebeveiliging. De Code voor Informatiebeveiliging, ook wel Code of Practice
genaamd, is een bundeling van de ervaring van diverse ondernemingen op dit gebied. In dit
hoofdstuk wordt ingegaan op de totstandkoming van de Code en zijn uitgangspunten. Aan de
orde komen de 10 hoofdcategorieën voor informatiebeveiliging en de 10 belangrijkste
maatregelen. Het geeft aan hoe de Code in de praktijk kan worden gebruikt om een
basisniveau voor informatiebeveiliging te ontwikkelen. Tenslotte wordt een blik op de
toekomst gegeven.
Hoofdstuk 4.
Beveiliging en de wet
De wetgeving stelt ook bepaalde eisen aan beveiliging. Een belangrijke rol spelen de Wet
op Persoons Registraties / de Wet Bescherming Persoonsgegevens, de Wet
Computercriminaliteit, maar ook de Auteurswet, de Octrooiwet en de Wet
Telecommunicatievoorzieningen. Ook komen onrechtmatige concurrentie en wettelijke
aansprakelijkheid aan de orde. Contracten vullen de basisregelingen in de wet aan. Zij
omschrijven de verplichtingen tussen partijen, maar regelen ook de vrijwaringen. Een
bijzondere manier van vrijwaren tegen directe of indirecte schade is zich hiertegen te
verzekeren.
Deel 2. Te nemen
maatregelen
Zijn de dreigingen en
risicos bekend dan kan men onderzoeken welke maatregelen kunnen worden genomen om
aan deze dreigingen en risicos het hoofd te bieden.
Hoofdstuk 5.
Beveiligingsmaatregelen en middelen
Beveiligingsmaatregelen kunnen twee doelen
nastreven: het voorkomen van een schade of het verkleinen ervan. Maatregelen worden
ingedeeld naar de middelen die ze gebruiken: procedureel, fysiek, logisch en
organisatorisch. Maatregelen worden ook ingedeeld naar de fase van de dreiging waarin ze
opereren: preventief, detectief, repressief en correctief. Het hoofdstuk geeft aan welk
effect de diverse middelen in de onderscheiden fasen kunnen hebben.
Hoofdstuk 6.
Organisatie en beveiliging
Beveiliging werkt alleen wanneer ze door de
organisatie wordt gedragen. Daarom gaat dit hoofdstuk in op de plaats van beveiliging
binnen de organisatie. Met name wordt aandacht geschonken aan verantwoordelijkheden en
taken van de diverse betrokkenen.
Hoofdstuk 7. Maatregelen
voor informatiebeveiliging, toepassing van de Code voor Informatiebeveiliging
Wat wordt men geacht te doen in het kader van goed huisvaderschap? De Code
voor Informatiebeveiliging geeft een uitgebreid overzicht over de te treffen maatregelen,
wat de beoogde doelstellingen zijn en hoe deze kunnen worden bereikt.
Deel 3. Technische
maatregelen
Om beveiliging te realiseren
staan er diverse technische maatregelen ter beschikking. Dit deel behandelt deze
maatregelen en verschaft, waar nodig, de theoretische basiskennis.
Hoofdstuk 8.
Nieuwe informatiesystemen: Beveiliging in het ontwerp en bij invoering
Beveiliging is effectiever wanneer reeds
bij het ontwerp en invoering van een informatiesysteem hier rekening mee is gehouden. Dit
geldt niet alleen voor geheel nieuwe systemen, maar ook voor uitbreidingen of wijzigingen
van bestaande systemen. Dit hoofdstuk gaat uitvoerig in op de ontwerpcriteria voor
beveiliging middels een stappenplan, de bouw en de invoering van nieuwe
informatiesystemen.
Hoofdstuk 9.
Technische beveiliging in netwerken en besturingssystemen
Om netwerken en besturingssystemen goed te
kunnen beveiligen, moeten er diverse maatregelen worden getroffen. De belangrijkste worden
in dit hoofdstuk verklaard en behandeld.
Hoofdstuk 10.
Cryptografie en beveiliging
Een belangrijke techniek bij het beveiligen
van informatiesystemen is de cryptografie. Cryptografie wordt niet alleen gebruikt voor de
vertrouwelijkheid van informatie, maar ook voor het bewaken van de integriteit en
authenticiteit van informatie. De belangrijkste principes worden hier globaal aangegeven
en geïllustreerd met een aantal praktijkvoorbeelden.
Hoofdstuk 11.
Producten voor technische beveiliging
Dit hoofdstuk geeft een overzicht van
beschikbare producten en hulpmiddelen voor technische beveiliging. Diverse producten voor
toegangscontrole, netwerkbeveiliging, beveiliging van besturingssystemen,
virusbescherming, audit en PC-beveiliging worden beschreven en verklaard.
Hoofdstuk 12.
De verwerkingsomgeving: fysieke beveiliging en beveiliging van de locatie
Dit hoofdstuk gaat nader in op de volgende
themas:
- maatregelen en apparatuur ter bescherming
tegen brand en waterschade
- maatregelen en apparatuur tegen
stroomstoringen
- fysieke toegangscontrole
- fysieke inrichting van rekencentra
- detectie apparatuur
- omgang met en opslag van gegevensdragers
- veiligheidsaspecten van bekabeling.
Hoofdstuk 13.
Beveiliging in de praktijk
Hoe gaat men in de dagelijkse praktijk om
met beveiliging? Dit hoofdstuk beschrijft voor een aantal praktijksituaties welke
beveiligingssystematiek toegepast wordt. Aan de orde komen het betalingsverkeer,
informatiediensten, zoals Pay-TV, Internet en de toepassing van firewalls.
Deel 4. Niet-technische
maatregelen
Technische maatregelen
alleen zijn niet voldoende voor een goede beveiliging. Er zijn procedures nodig die
aangeven hoe de beveiliging daadwerkelijk door de betrokkenen ingevuld dient te worden. De
naleving van de procedures dient gecontroleerd te worden. Bijzondere aandacht verdienen
ook de personele aspecten. Tegen welke schade kan men zich uitstekend verzekeren en tegen
welke niet? En hoe dient men in contracten met schades om te gaan?
Hoofdstuk 14.
IT-audit: Vertrouwen is goed, controleren is beter
Controle is een wezenlijk onderdeel van de
beveiliging. Dit betreft niet alleen de controle of de diverse maatregelen correct
nageleefd worden. IT-audit beoogt ook na te gaan of het informatiesysteem aan alle te
stellen eisen voldoet. Welke taken en bevoegdheden moeten aan een IT-auditor toegekend
worden?
Hoofdstuk 15.
Evaluatiecriteria
In de loop der tijd zijn er diverse
systemen ontwikkeld om de beveiliging van informatiesystemen te kunnen evalueren. Erkende
keuringsinstanties, zoals TNO verrichten dergelijke evaluaties (op verzoek van de
leverancier of de klant) en verlenen het betrokken beveiligingsproduct een certificaat.
Hoofdstuk 16.
Procedures
De procedures vormen de afronding van de
informatiebeveiliging. Ze geven aan welke taken iedereen heeft ten aanzien van de
beveiliging en hoe deze uitgevoerd dienen te worden. Hoe worden autorisaties verleend? Hoe
vaak moet een back-up gemaakt worden en waar worden deze dan opgeslagen? Welke acties
dienen te worden genomen in geval van een calamiteit? Hoe gaat men om met reparatie van
apparatuur die gevoelige gegevens bevat?
Hoofdstuk 17.
Personele aspecten van beveiliging
Uiteindelijk is de effectiviteit van alle
maatregelen afhankelijk van de mensen die het moeten uitvoeren. Hoe motiveert men het
personeel tot het naleven van de regels? Waar moet men op letten bij het toewijzen van
functies en verantwoordelijkheden? Hoe gaat men om met medewerkers die al dan niet
vrijwillig met ontslag gaan?
Hoofdstuk 18.
Bewuste omgang met informatie en beveiliging
Welke beveiligingsmaatregelen men ook treft
en welke middelen men ook inzet, het gaat erom dat iedereen in de organisatie meedoet.
Simpelweg regels opleggen werkt in de huidige maatschappij niet. De medewerkers moeten
gemotiveerd worden. En de beste motivatie is kennis: weten welke risicos men loopt
en hoe men zich hiertegen teweer kan stellen. Dit hoofdstuk bevat een aantal richtlijnen
voor het opzetten van een awareness programma.
Deel 5. Het
beveiligingsplan
Na afweging van schade
versus maatregelen worden de voorgenomen beveiligingsmaatregelen vastgelegd in een
beveiligingsplan.
Hoofdstuk 19.
Het beveiligingsplan
De dreigingenanalyse geeft een inzicht in
de gevaren die het informatiesysteem bedreigen. De risicoanalyse bepaalt welke schade
hiervan het gevolg kan zijn. Met behulp van technische en niet technische maatregelen is
het mogelijk veel schade te voorkomen en te beperken. De afweging schade versus
maatregelen wordt vastgelegd in een beveiligingsplan. Welke informatie dient een goed
beveiligingsplan te bevatten?
Deel 6. Appendices
De annex bevat aanvullende
informatie op de behandelde onderwerpen voor wie nader geïnformeerd wil worden over
technische en normatieve aspecten van informatiebeveiliging.
Appendix A:
Inleiding Cryptologie
Veel technische maatregelen, met name voor logische beveiliging, maken gebruik van
cryptografische technieken. Dit hoofdstuk laat de lezer op een populaire wijze kennis
maken met de belangrijkste begrippen uit de cryptologie. Aan de orde komen begrippen als
algoritme en sleutel. Het verschil tussen vercijferen en coderen wordt uitgelegd. Ook gaat
het hoofdstuk in op het verschil tussen symmetrische en asymmetrische algoritmen. Algemene
beveiligingsfuncties die met behulp van cryptografie gemaakt worden zijn:
toegangscontrole, integriteitsbewaking, echtheidscontrole, digitale handtekeningen en
vertrouwelijkheid. Vervolgens wordt behandeld hoe deze generieke functies in de praktijk
gebruikt kunnen worden voor werkplekbeveiliging, netwerkbeveiliging en software
authenticatie. Dit wordt geïllustreerd met enige praktijkvoorbeelden.
Appendix B:
Normen voor beveiliging
Voor beveiliging zijn diverse normen vastgesteld. De meest relevante worden besproken
voorzover deze niet eerder in de hoofdstukken aan de orde zijn geweest. Verder is een
overzicht opgenomen van alle huidige ISO normen op het gebied van informatiebeveiliging.
Appendix C:
Literatuuroverzicht
Dit hoofdstuk geeft een lijst van aanvullende literatuur en andere informatiebronnen voor
wie zich dieper in de materie wil inwerken.
Appendix D:
Afkortingen en Register
Het register bevat een verklaring van of verwijzing naar alle geïntroduceerde begrippen
en termen.
Inhoudsopgave - Inleiding - Index
|